Rode beuk                                                                A

Fagus sylvatica ‘Atropunicea’

De rode beuk is een cultivar van de gewone beuk, uit de familie van napjesdragers (Fagaceae).
De soort is algemeen in Midden-, West- en Noord-Europa. Deze bomen kunnen honderden jaren oud worden en tot 40 meter hoog groeien. De negen rode beuken in gebied A staan hier sinds ongeveer 1947.

De Rode beuk wordt veel toegepast in parken, grote tuinen en in groenstroken, maar hij is ook ideaal als vormboom. Zo is de rode beuk ook beschikbaar als zuilboom, leiboom en haag. Het is ook een prachtige laanboom die erg oud en groot kan worden. De purperrode kleur heeft een hoge sierwaarde en is al eeuwenoud. De rode beuk heeft bladeren van drie tot tien centimeter groot. De beuk is een zaailing en hierdoor kan de kleur van het blad soms verschillen. Dit betekent dat de rode beuk zeer goed tegen de kou kan. Er worden soms wel selecties gemaakt om de kleuren zo goed mogelijk donkerrood te krijgen. De rode beuk staat ook bekend om haar eetbare beukennootjes. Die groeien in de napjes van de beukenboom. De onopvallende vruchten groeien in het voorjaar in de boom. Zodra ze rijp zijn in september vallen de vruchten op de grond.